Lege calorieën in het mediabudget? De mediapiramide als antwoord op de aandachtscrisis.

donderdag, 7 mei 2026 (07:01) - Marketingfacts

In dit artikel:

Sociale media begonnen als laagdrempelige manieren om contacten te onderhouden en inspiratie te vinden, maar zijn volgens recente analyses uitgegroeid tot een macht met neveneffecten: verhoogde kans op mentale klachten, verslaving, vervreemding en de verspreiding van desinformatie. In Nederland groeit het besef dat de afhankelijkheid van Amerikaanse Big Tech problematisch is; het Nationale Social Media Onderzoek 2026 van Newcom laat zien dat het sentiment kantelt: mensen zien nut, maar ervaren ook dat platforms te groot en te invloedrijk zijn. Gemiddeld besteden Nederlanders circa twee uur per dag aan sociale media; ongeveer 900.000 noemen zichzelf gebruikers die de hele dag online zijn en 4,4 miljoen geven aan geen dag zonder te kunnen.

Als tegenhanger van deze ontwikkeling wordt de mediapiramide van Faris Yakob aangehaald: net als een voedingspiramide onderscheidt die media naar voedingswaarde voor de geest. Bovenaan staan ‘lege-calorieën’-media — eindeloze, algoritmische feeds die snel bereik en prikkels leveren maar oppervlakkige aandacht en uitputting veroorzaken. De brede basis vormen ‘slow media’ zoals diepgravende journalistiek, boeken en kunst, die bijdragen aan concentratie en mentaal welzijn. In de praktijk gebruiken veel mensen juist vooral de snelle bovenlaag, wat lijkt op het omgekeerd eten van junkfood.

Verschillende maatschappelijke en commerciële initiatieven proberen het mediadieet bij te sturen zonder sociale media te veroordelen. Voorbeelden in Nederland zijn Mei Social Vrij (een jaarlijkse landelijke digitale ‘dry January’), campagnes van zorgverzekeraar Zilveren Kruis onder het motto ‘social minderen’ en commerciële gadgets zoals een telefoonhoesje-verpakking van KitKat die afleidingen blokkeert. De intentie is bewustwording en het herstellen van persoonlijke controle over mediagebruik, niet het verbieden van platforms.

DPG Media werkte samen met Øutlier en In Orbit aan een klein kwalitatief experiment om het effect van twee contrasterende mediadiëten te onderzoeken. Acht jonge, stedelijke deelnemers (19–34 jaar) werden twee weken lang toegewezen aan alleen algoritmegestuurde sociale media of uitsluitend aan Nederlandse redactionele media. Via videodagboeken, schermopnames en nabesprekingen (inclusief gesprekken met Yakob) werden emoties, routines en aandacht gemonitord. Voorlopige bevindingen wijzen op een scherp contrast: deelnemers aan de socialemediagroep ervoeren continue prikkeling, gefragmenteerde aandacht en meer mentale onrust, terwijl de journalistiekgroep zich rustiger, meer gefocust en mentaal evenwichtiger voelde. Er komt later een kwantitatief vervolgonderzoek.

Voor adverteerders en media is aandacht de schaars geworden grondstof: context bepaalt in grote mate of informatie en reclame worden opgenomen. Hoewel globale techbedrijven veel bereik bieden, levert dat vaak oppervlakkige aandacht en problematische context; duurzame merkopbouw floreert beter in de rustige context van slow media. Tegelijkertijd vloeit volgens Deloitte’s Digital Ad Spend Study 2025 83 procent van de Nederlandse digitale reclamebestedingen naar mondiale partijen, wat lokale onafhankelijke media onder druk zet omdat zij juist op die inkomsten vertrouwen.

Kortom: er is groeiende maatschappelijke en wetenschappelijke belangstelling voor het ‘mediadieet’. De oproep is niet om sociale media af te schaffen, maar om bewuster te kiezen, de rol van context te erkennen en middelen (zowel gedragstechnieken als advertentiebestedingen) anders in te zetten om zowel individueel welzijn als een gezond mediasysteem te bevorderen.